Letselschade tijdens vrijwilligerswerkzaamheden, wie is er aansprakelijk?

Kleine sportclubs en andere verenigingen zijn vaak voor hun voortbestaan afhankelijk van vrijwilligers. Zij zorgen voor de dagelijkse invulling van de organisatie of zijn verantwoordelijk voor het onderhoud van de accommodatie.

Het is natuurlijk erg vervelend als er dan een ongeluk gebeurt. In het ergste geval loopt de vrijwilliger zelfs letselschade op. Maar wie draagt er in dit geval de verantwoordelijkheid voor de veiligheid van de vrijwilliger, de vrijwilliger zelf of toch de organisatie? Deze vraag werd onlangs voorgelegd aan de Hoge Raad.

Aansprakelijkheid voor letselschade vrijwilliger

In de gemeente Duiven is de kerkelijke rechtspersoon ‘Parochie H.H. Vier Evangelisten’ gevestigd. Zij heeft de mogelijkheid om een beroep te doen op een zogeheten klusgroep. In deze groep zijn vrijwilligers actief die hier en daar werkzaamheden uitoefenen ten behoeve van de parochie.
Tijdens het plaatsen van verlichting op het dak van de kerk is één van de vrijwilligers ten val gekomen waarbij hij ernstig letsel opliep. Om niet zelf met de hoge kosten te zitten heeft de vrijwilliger de parochie en diens verzekering aansprakelijk gesteld.

Deelgeschilprocedure rechtbank Arnhem

Aanvankelijk vorderde hij in een deelgeschilprocedure dat al zijn schade werd vergoed door de parochie danwel de verzekering. Helaas voor de vrijwilliger wees de kantonrechter het verzoek af.
De gedupeerde liet het er niet bij zitten en heeft na de afwijzing een procedure ten principale aanhangig gemaakt waarin hij hetzelfde vorderde. Daarnaast heeft hij de rechter verzocht hem de mogelijkheid te geven om een tussentijds hoger beroep in te stellen. Dit verzoek werd wel door de kantonrechter toegewezen.    

Hoger beroep hof Arnhem

De vrijwilliger heeft vervolgens het geschil aanhangig gemaakt bij het Hof.
Het hof heeft de deelgeschilbeschikking vernietigd en een nieuwe beschikking gegeven. Zij oordeelde dat de parochie en/of de verzekering aansprakelijk was voor de schade van de vrijwilliger.
Het gerechtshof baseerde de aansprakelijkheid op artikel 7:658 lid 4 BW, de analoge werkgeversaansprakelijkheid wanneer er geen arbeidsovereenkomst bestaat. 

Een werkgever is namelijk verplicht:

‘de lokalen, werktuigen en gereedschappen waarin of waarmee hij de arbeid doet verrichten, op zodanige wijze in te richten en te onderhouden alsmede voor het verrichten van de arbeid zodanige maatregelen te treffen en aanwijzingen te verstrekken als redelijkerwijs nodig is om te voorkomen dat de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden schade leidt (…) de werkgever is jegens de werknemer aansprakelijk voor de schade die de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden leidt, tenzij hij aantoont dat hij de verplichtingen is nagekomen of dat de schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer is de werkgever.’

Volgens het Hof Arnhem heeft de parochie deze verplichtingen verzuimt en is er geen sprake van opzet of bewuste roekeloosheid aan de zijde van de vrijwilliger.

Vrijwilligerswerk valt onder werkgeversaansprakelijkheid

De parochie heeft min of meer een opdracht verstrekt aan de vrijwilligers van de klusgroep terwijl de opdracht ook kon worden uitgevoerd door eigen werknemers van de organisatie. Hiervoor is niet gekozen zodat personeelskosten werden bespaard.
Dat de werkzaamheden behoorde tot de feitelijke bedrijfsuitoefening van de Parochie blijkt uit het feit dat de parochie verantwoordelijk is voor het beheer en het onderhoud van het kerkgebouw en het kerkhof.

Feitelijke bedrijfsuitoefening

De parochie en de verzekering waren niet blij met de uitspraak en zij stelden cassatie in bij de Hoge Raad. Zij voerden aan dat vrijwilligerswerk niet onder de reikwijdte van artikel 7:658 lid 4 BW valt, dat de parochie geen bedrijf uitoefende en dat de werkzaamheden die vrijwillig werden uitgevoerd, dan ook niet in de uitoefening van een bedrijf zijn uitgevoerd en voorts nimmer door werknemers van de parochie zouden zijn uitgevoerd. arbeidsongeval_met_letselschade_op_werk_arbeidsins
In reactie hierop haalt de Hoge Raad de parlementaire geschiedenis aan. De bepaling strekt er namelijk toe bescherming te bieden aan personen die zich in een vergelijkbare positie als de werknemer bevinden. De rechters concluderen dat vrijwilligerswerk niet is uitgesloten van het beschermingsbereik van dit artikel.
De Hoge Raad laat daarom de uitspraak van het hof in stand en verwerpt het beroep. De vrijwilliger kan zijn letselschade verhalen bij de parochie of haar verzekering.

Advies over aansprakelijkheid voor letselschade

Dankzij deze uitspraak is duidelijk geworden dat vrijwilligers die letselschade lijden ook beschermd worden wanneer zij werkzaamheden in dienst van een organisatie uitvoeren. Heeft letselschade geleden of wordt u aansprakelijk gesteld, bel dan voor vrijblijvend advies van een letselschadespecialist of letseladvocaat. Ons gratis nummer is 0800-4455000

Door: C. Hendriks

Schrijf een reactie


Reacties

Er zijn nog geen reacties.


Schrijf een reactie

Volg ons   LinkedIn   Twitter   Facebook