In het bos bij Amersfoort valt een man van zijn fiets als een hond plotseling oversteekt. De rechter stelt vast dat de bezitter van de hond aansprakelijk is. Uit het bewijs blijkt namelijk dat de man hard moest remmen voor een loslopende hond die vlak voor hem het fietspad overstak.
Voor honden geldt risico-aansprakelijkheid. De bezitter betaalt de schade die het dier veroorzaakt. Dit geldt ook als de hond plotseling oversteekt en een fietser hierdoor schrikt en valt. Voor aansprakelijkheid van de bezitter is niet van belang of er daadwerkelijk sprake is van een aanrijding tussen de fietser en de hond:
“[verzoeker] baseert zijn verzoek primair op artikel 6:179 BW, waarin de risicoaansprakelijkheid voor dieren is geregeld. Op grond van dit artikel is de bezitter van een dier aansprakelijk voor de door het dier aangerichte schade, tenzij aansprakelijkheid zou hebben ontbroken als hij de gedraging van het dier waardoor de schade werd toegebracht, in zijn macht zou hebben gehad”


Gratis rechtsbijstand en advies bij letselschade
Bewijs van val door overstekende hond
De gevallen fietser appt na het ongeval met de bezitter van de hond. De fietser schrijft dat hij viel door de overstekende hond. De hondenbezitter geeft aan dat dit klopt. Ook in een brief van de belangenbehartiger van de hondenbezitter staat dat de hond overstak en de fietser viel. De rechter vindt daarom dat er voldoende bewijs is dat de fietser viel door de overstekende hond. De rechter stelt daarom vast dat de hondenbezitter aansprakelijk is:
“Daarom is het voldoende komen vast staan dat [verzoeker] op een fietspad in het bos Nimmerdor heeft gefietst en dat de hond van [verweerder] , korte voordat [verzoeker] passeerde, het fietspad is overgestoken. Om die reden heeft verzoeker moeten remmen als gevolg waarvan hij ten val is gekomen. De eigen, onberekenbare gedraging van de hond, namelijk het plotselinge oversteken van het fietspad, heeft direct geleid tot de val van [verzoeker] . [verweerder] , als eigenaar van de hond, draagt hiervan het risico. Dat er geen daadwerkelijk contact is geweest tussen [verzoeker] en de hond doet daaraan niets af.”
Eigen schuld bij val door overstekende hond
Als de aansprakelijkheid vaststaat, kijken we welk deel van de letselschade het slachtoffer zelf veroorzaakte. Dit noemen we eigen schuld. De hondenbezitter voert onder andere aan dat de fietser viel door zijn eigen onoplettendheid, een te hoge snelheid, stuurfout en/of door de staat van de remmen. Bewijs ontbreekt echter. De rechter kan de mate van eigen schuld daarom niet vaststellen:
“Voor het beroep op eigen schuld is gelet op deze tegenstrijdige standpunten nadere bewijslevering nodig. Voor nadere bewijslevering is echter geen plaats, omdat dit buiten het bestek van de deelgeschilprocedure valt. Dergelijke bewijslevering verdraagt zich namelijk niet met het uitgangspunt dat de deelgeschilprocedure eenvoudig, snel en kostenefficiënt moet zijn.”

Komen partijen er uit na dit deelgeschil?
De rechter stelt de aansprakelijkheid vast, maar kan geen oordeel geven over de mate van eigen schuld. Hiervoor is meer bewijs nodig, maar voor het leveren van bewijs is slechts beperkt ruimte in een deelgeschil. Welk deel van de schade de aansprakelijke partij betaalt is daarom onduidelijk. De vraag is of de rechtszoekende hiermee is geholpen. De tegenpartij kan zich immers alsnog op het standpunt stellen dat er sprake is van een grote mate van eigen schuld.
Loslopende honden en losloopgebieden
De hond liep in een losloopgebied. De hond mag ter plaatse los. Loslopende honden moeten echter wel onder controle zijn van de bezitter. In bosgebieden geldt bovendien de verplichting dat honden op het pad moeten blijven.
Gratis rechtsbijstand en advies bij letselschade
Bel naar 0800 44 55 000, stuur een e-mail naar info@letselschadespecialist.nl of vul het onderstaande contactformulier in.
Bron: www.rechtspraak.nl Rechtbank Midden-Nederland 23 juli 2026, ECLI:NL:RBMNE:2026:5103

