Wanneer is tussentijds hoger beroep in een deelgeschil mogelijk?

Een deelgeschil is een verkorte procedure over letselschade waarin de rechter een oordeel geeft over een deel van het geschil tussen partijen, zodat partijen met deze beslissing hopelijk samen afspraken kunnen maken over de schadeafhandeling. Wanneer is het mogelijk om tussentijds hoger beroep in te stellen tegen een beslissing in een deelgeschil?

De rechter beschrijft welke voorwaarden er gelden voor een tussentijds hoger beroep in een deelgeschil. Tussentijds hoger beroep in een deelgeschil is mogelijk als:

  • Er een bodemprocedure is gestart;
  • De rechter in de bodemprocedure verzocht is om verlof voor het hoger beroep;
  • Er een bindende eindbeslissing over de materiële rechtsverhouding van partijen is genomen in het deelgeschil;
  • Het verzoek tijdig is gedaan;
  • Het tussentijds beroep mag de procedure niet onredelijk vertragen.

Bodemprocedure en verzoek om beroep in bodemprocedure

Het eerste vereiste voor tussentijds beroep in een deelgeschil is het aanhangig maken van een bodemprocedure en het vragen van verlof aan de bodemrechter voor het hoger beroep tegen de deelgeschilbeschikking:

“Om van een uitspraak in een deelgeschilprocedure hoger beroep te kunnen instellen moet eerst een bodemprocedure worden gestart. In die bodemprocedure moet dan aan de bodemrechter verlof worden gevraagd om in hoger beroep te mogen van de deelgeschilbeschikking. Door deze route krijgt een deelgeschilbeschikking kort gezegd de status van een tussenvonnis in een bodemprocedure. Dit betekent dat beslissingen die in de deelgeschilbeschikking staan dezelfde bindende kracht hebben als (eind)beslissingen in tussenvonnis.”

tussentijds hoger beroep in een deelgeschil,  Wanneer is tussentijds hoger beroep in een deelgeschil mogelijk, Rechtbank Midden-Nederland 11 februari 2026, ECLI:NL:RBMNE:2026:583

Bindende eindbeslissing over de materiële rechtsverhouding

Hoger beroep in een deelgeschil is alleen mogelijk als de rechter een beslissing neemt over de materiele rechtsverhouding van partijen. Dit betekent dat de rechter een inhoudelijk oordeel geeft over een geschilpunt. Denk bijvoorbeeld aan een oordeel over de aansprakelijkheid:

“Verder is het zo dat van een deelgeschilbeschikking alleen hoger beroep kan worden ingesteld als en voor zover daarin bindende eindbeslissingen staan over de materiële rechtsverhouding van partijen. Dit volgt uit artikel 1019bb samen met artikel 1019cc lid 1 en 3 van het Wetboek van Burgerlijke rechtsvordering (Rv).”

Termijn instellen hoger beroep deelgeschil

Als er verlof is gevraagd aan de bodemrechter beoordelen we of het verlof tijdig is gevraagd:

“Over de termijn voor het instellen van hoger beroep heeft de Hoge Raad in het arrest van 17 december 2021 (ECLI:NL:HR:2021:1924) beslist dat deze gaat lopen vanaf de datum van het vonnis waarbij het verlof voor tussentijds hoger beroep is verleend. Omdat een deelgeschilbeschikking in een bodemprocedure zoals gezegd de status krijgt van tussenvonnis zal de rechtbank als het gaat om de start van de appeltermijn aansluiten bij deze regeling ook al wijkt die af van dat wat in de wet in artikel 1019cc lid 3 onder a Rv staat over het aanvangsmoment van de appeltermijn.”

Onredelijke vertraging door hoger beroep in deelgeschil

De laatste vraag die de rechter beantwoord is of het hoger beroep leidt tot een onredelijke vertraging van de procedure:

“Bij het beoordelen van het verlenen van verlof moet de rechter er van de Hoge Raad ook op letten of het openstellen van hoger beroep niet tot onredelijke vertraging van de procedure leidt (zie punt 3.2.4 van het arrest van 17 december 2021 ECLI:NL:HR:2021:1924).”

Bodemprocedure gestart, verlof verzocht en inhoudelijk oordeel

In dit geval is er een bodemprocedure gestart en is de rechter verzocht om toestemming voor het beroep. De rechter kijkt vervolgens naar de vraag of er een besluit is genomen over de rechtsverhouding. In de uitspraak geeft de rechter een oordeel over de aansprakelijkheid, waarmee aan deze voorwaarde is voldaan:

“De eerste vraag die beantwoord moet worden is of de deelgeschilrechter een beslissing heeft genomen over de materiële rechtsverhouding, alleen dan is hoger beroep mogelijk van de deelgeschilbeschikking. In de beschikking van 16 juli 2025 is de deelgeschilrechter tot de conclusie gekomen dat [gedaagde] niet aansprakelijk is tegenover [eiser] . Dat is een beslissing over de materiële rechtsverhouding tussen partijen zoals bedoeld in artikel 1019cc lid 1 Rv.”

Oordeel over rechtsverhouding in overweging ten overvloede

De rechter stelt vast dat er een beslissing is genomen over de materiele rechtsverhouding. De beslissing staat in een overweging ten overvloede. De rechter verklaart het verzoek niet-ontvankelijk, maar geeft toch een oordeel over de aansprakelijkheid:

“Dat de deelgeschilrechter hierover in een extra overweging (een ‘overweging ten overvloede’) een beslissing heeft genomen die hij door de niet-ontvankelijkverklaring niet had hoeven nemen, maakt dit niet anders. Er is beslist over de aansprakelijkheid.”

Tijdig verzoek om hoger beroep in te stellen

Voor de vraag of tijdelijk (tussentijds) hoger beroep is ingesteld, kijken we naar de datum van het vonnis. In dit geval is dat de datum van de uitspraak, daarom is het beroep tijdig ingesteld:

“Door het arrest van 17 december 2021 van de Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2021:1924) dat de rechtbank hiervoor onder 4.1 heeft genoemd moet daarvoor niet langer worden aangesloten bij de eerste roldag of de datum van de beschikking waartegen men op wil komen zoals vermeld staat in artikel 1019cc lid 3 onder a Rv, maar bij de datum van het vonnis waarin de mogelijkheid van hoger beroep wordt opengesteld. Dat is de datum van deze uitspraak. Daarmee is het verzoek op tijd gedaan.”

Oordeel over onredelijke vertraging

Of er sprake is van onredelijke vertraging is een afweging die de rechter moet maken. In dit geval stemt de wederpartij in met het hoger beroep. Daarom is er geen sprake van onredelijke vertraging:

“De rechtbank is van oordeel dat een tussentijds hoger beroep in deze zaak niet leidt tot onredelijke vertraging van de procedure. Daarbij heeft de rechtbank ook gelet op het feit dat [gedaagde] heeft aangegeven zich aan te sluiten bij het oordeel van de rechtbank hierover.”

Gratis rechtsbijstand en advies bij letselschade

Bel naar 0800 44 55 000, stuur een e-mail naar info@letselschadespecialist.nl of vul het onderstaande contactformulier in.

    Uw naam

    Uw telefoonnummer

    Uw e-mailadres

    Eventuele toelichting

    Bron: www.rechtspraak.nl Rechtbank Midden-Nederland 11 februari 2026, ECLI:NL:RBMNE:2026:583

    Heeft u recht op een letselschade vergoeding?

    Test het hier!

    Schrijf u in voor onze nieuwsbrief
    Doe de letselschade test nu!Letselschade test?×