Deze recente procedure ziet op de vraag wanneer een slachtoffer mag vertrouwen op een toezegging van een verzekeraar. Verzekeraars moeten bij de afhandeling van letselschade redelijk handelen. De verzekeraar mag bijvoorbeeld niet zomaar opeens een nieuw standpunt innemen en moet toezeggingen nakomen. In dit geval beoordeelt de rechter of een e-mail de gerechtvaardigde verwachting wekt dat de kosten van vervoer naar en behandeling door een revalidatiecentrum in het buitenland vergoed worden.
Verzekeraars moeten toezegging nakomen. Bijvoorbeeld als in een e-mail is bevestigd dat de kosten van een revalidatiecentrum worden vergoed. Of een verzekeraar een handeling mag verrichten of een standpunt mag innemen of wijzigen, is afhankelijk van de redelijkheid. In deze recente procedure oordeelt de rechter dat een verzekeraar gebonden is door een belofte in een e-mail en daar niet op terug mag komen. Daarnaast mag de verzekeraar op dit moment niet meer het standpunt innemen dat het slachtoffer geen belang heeft bij de behandeling.
Gerechtvaardigd vertrouwen
Het slachtoffer mag er in dit geval op vertrouwen dat de verzekeraar haar toezeggingen nakomt. Dit zogenaamde gerechtvaardigd vertrouwen geldt bijvoorbeeld ook in het geval waarin een verzekeraar uitbetaalt, maar de verzekering eigenlijk geen dekking biedt. Het handelen van verzekeraars moet redelijk zijn. Wijziging van een standpunt ten nadele van het slachtoffer of de verzekerde is over het algemeen alleen mogelijk als de verantwoordelijkheid voor de wijziging bij het slachtoffer of de verzekerde ligt. Denk bijvoorbeeld aan achtergehouden informatie of nieuwe niet eerder beschikbare informatie.


Gratis rechtsbijstand en advies bij letselschade
Toezegging over vergoeding revalidatietraject en vervoer
Een slachtoffer loopt zeer ernstig en blijvend letsel op bij een verkeersongeval. Het slachtoffer heeft permanente zorg nodig en kan niet meer zelfstandig wonen:
“[persoon A] heeft als gevolg van het ongeval ernstig en blijvend letsel opgelopen: schedelhersenletsel, meerdere breuken en huidverwondingen. Na geruime tijd in coma te en is hij volledig ADL-afhankelijk.”
De rechtbank benoemt twee curatoren die de belangen van het slachtoffer behartigen. Deze curatoren vragen een adviesbureau (Trivium Advies) om de woon- en zorgmogelijkheden van het slachtoffer in beeld te brengen. Het bureau adviseert een revalidatiecentrum in de Verenigde Staten. De aansprakelijke verzekeraar bevestigt na overleg per e-mail dat ze de kosten van het revalidatiecentrum onder voorwaarden willen betalen:
“Ik heb gelukkig direct kunnen overleggen over het verzoek om [persoon A] te laten revalideren bij het Shepherd Center. Wij zijn bereid dit te financieren op enkele voorwaarden:Wij gaan uit van een vergoeding voor de eerste acht weken Residential program. Na vier weken en bij acht weken dient geëvalueerd te worden of er voldoende progressie is en zo ja, waaruit deze bestaat. Het lijkt mij goed als [naam] deze contacten onderhoudt.
Als het Shepherd Center na de eerste acht weken nog ruimte ziet voor verbetering zullen wij eerst in overleg met onze medisch adviseur bezien of dat ook voldoende aanknopingspunten biedt in schade technische zin, wij willen daar op voorhand helder over zijn.
Wij vergoeden de redelijke kosten voor reis en verblijf voor de duur van acht weken van twee meereizende familieleden, met aftrek van de kosten die in Nederland ook zouden worden gemaakt voor levensbehoeften. We zullen even moeten afstemmen hoe deze vergoeding eruitziet. Te denken valt aan bijvoorbeeld een verblijf waar men zelf eten kan bereiden.
Zijn er meer kosten dan zullen we in overleg een redelijke vergoeding bepalen.
Dit even kort omdat ik weet dat de familie heel graag duidelijkheid wil. Ik hoor graag hoe verder, maar nu kan een en ander in elk geval in gang gezet worden. Ik hoop dat het traject zal opleveren waar men zo op hoopt!”
Vergoeding behandeling afgewezen vanwege hoge vervoerskosten
De curatoren sluiten een overeenkomst met het revalidatiecentrum. Het slachtoffer mag echter niet met een gewone vlucht mee. De kosten van een ambulancevlucht blijken hoog. De curatoren betalen het bedrag (€ 145.000,–) uiteindelijk zelf. De verzekeraar neemt uiteindelijk het standpunt in dat de revalidatie niet wordt vergoed omdat de vervoerskosten (ambulancevlucht) onredelijk hoog zijn. De curatoren stappen hierop naar de rechter. De rechter beoordeelt welke kosten de verzekeraar moet vergoeden.
Gerechtvaardigd vertrouwen op vergoeding door verzekeraar
Bij de vraag welke verwachtingen de verzekeraar heeft gewekt over de vergoeding van de kosten kijken we naar de gevoerde correspondentie. Na de toezegging over de vergoeding van de redelijke kosten is meermaals gesproken en gemaild over een ambulancevlucht. Vanuit de verzekeraar is alleen gevraag om offertes van andere bedrijven. De verzekeraar had eerder met het slachtoffer moeten overleggen over ander vervoer of een gedeeltelijke vergoeding voor de ambulancevlucht. Daarom is er sprake van een gerechtvaardigd vertrouwen dat de kosten van de behandeling en de redelijke reiskosten werden vergoed:
“Naar voorlopig oordeel mochten de curatoren op basis van de door [gedaagde] gedane mededelingen of gewekte verwachtingen er gerechtvaardigd op vertrouwen dat de verblijfs- en behandelkosten van het Shepherd Center volledig worden vergoed en dat de overige kosten worden vergoed in overleg en voor zover die redelijk zijn.”
Vergoeding behandelingskosten revalidatiecentrum in VS
De rechter vindt dat er een duidelijke toezegging in de e-mail staat over de kosten van het revalidatiecentrum in de Verenigde Staten. De verzekeraar mag zich niet op standpunt stellen dat de behandelingskosten onredelijk zijn, omdat de vervoerskosten onredelijk zijn. De verzekeraar betaalt daarom een vergoeding voor de behandelingskosten:
“Het betoog van [gedaagde] dat zij het behandeltraject bij het Shepherd Center volledig heeft mogen afwijzen omdat zij kanttekeningen plaatst bij de noodzaak van ambulancevervoer en de vervoerskosten onredelijk hoog vindt, wordt niet gevolgd. Dat past niet in het licht van de harde toezegging van [gedaagde] ten aanzien van de behandelkosten van het Shepherd Center en ook niet gezien de inhoud van de latere correspondentie tussen partijen over het medische transport van [persoon A].”
Vervoerskosten ambulancevlucht naar VS
De rechter stelde vast dat er een toezegging is om de redelijke vervoerskosten te betalen. Welke kosten redelijk zijn, hangt af van de vraag welk vervoer noodzakelijk was en welke concrete toezegging er zijn gedaan. De rechter oordeelt dat er onvoldoende informatie is om deze afweging te maken. Daarvoor is bijvoorbeeld een medisch oordeel nodig waaruit blijkt dat vervoer met een gewone vlucht niet mogelijk was:
“De kosten van ambulancevervoer zijn alleen redelijk te achten wanneer komt vast te staan dat [persoon A] , gezien zijn medische toestand, alleen op verantwoorde wijze via een ambulancevliegtuig kon worden vervoerd. Dat is echter een geschilpunt tussen partijen, waarover in dit kort geding geen helderheid kan worden verkregen. Zo is niet duidelijk of de optie ambulancevliegtuig in het gesprek op 3 februari 2026 is genoemd, zoals de curatoren stellen en [gedaagde] betwist. In een bodemprocedure, waar plaats is voor nadere bewijslevering, moet worden beoordeeld wat er concreet is toegezegd, althans waarvan de curatoren in de gegeven omstandigheden mochten uitgaan en of een eventueel andere (goedkopere) wijze van transport tot de mogelijkheden behoorde.”

Voorlopige vergoeding voor kosten ambulancevlucht
Ter zitting vraagt de rechter aan de verzekeraar welke vervoerskosten redelijk zouden zijn. De verzekeraar geeft aan dat uit is gegaan van € 60.000,– á € 70.000,– voor een enkele reis en € 100.000,– voor een retourvlucht. Aangezien de verzekeraar € 100.000,– redelijk vindt en er een toezegging is om de redelijke kosten te betalen, wijst de rechter dit bedrag toe als voorschot:
“Ter zitting heeft [gedaagde] desgevraagd verklaard dat zij als redelijke kosten voor het vervoer van [persoon A] , en 2 familieleden, van Nederland naar Atlanta uitging van € 60.000-€ 70.000,00, van een bedrag van ongeveer € 100.000,00 voor een retourvlucht. Het zou dan een 1e klas vlucht betreffen, waarbij een arts en een verpleegkundige meegaan, inclusief ambulancevervoer van en naar het vliegveld. Gelet op die verklaring, ziet de voorzieningenrechter aanleiding om ten titel van ambulancevluchtvervoer (heen en terug) het bedrag van € 100.000,00 als voorschot toe te wijzen.”
Verdere afhandeling reiskosten
De verzekeraar wekte het vertrouwen dat redelijke reiskosten vergoed werden. Voor de redelijkheid van de kosten is onder andere van belang of vervoer door een ambulancevlucht noodzakelijk was. De rechter heeft onvoldoende informatie om te beoordelen of een ambulancevlucht noodzakelijk was. Ook is onduidelijk wat er is besproken over ambulancevluchten. Voor de uiteindelijke afhandeling van de reiskosten is dus nog overleg tussen partijen nodig of een nieuwe procedure bij de rechter.
Wettelijke rente voor de heenvlucht
Over de al door de curatoren betaalde bedragen betaalt de verzekeraar wettelijke rente. Het voorschot van € 100.000,– ziet op een retourvlucht. De curatoren betaalden tot nog toe alleen de heenreis. Hiervoor noemde de verzekeraar een bedrag van € 60.000,–á € 70.000,–. De verzekeraar betaalt daarom wettelijke rente over € 70.0000,– en niet over het volledige voorschot van € 100.0000,–.
Niet eerder ingenomen standpunt blijft buiten behandeling
De verzekeraar stelt in deze procedure ook de efficiëntie van de behandeling door het revalidatiecentrum ter sprake. De rechter laat dit standpunt verder onbesproken. Dit standpunt is niet eerder naar voren gebracht door de verzekeraar. Het is daarom niet redelijk dat de verzekeraar op dit moment nog het standpunt inneemt dat de behandeling niet efficiënt is.
Gratis rechtsbijstand en advies bij letselschade
Bel naar 0800 44 55 000, stuur een e-mail naar info@letselschadespecialist.nl of vul het onderstaande contactformulier in.
Bron: www.rechtspraak.nl Rechtbank Rotterdam 15 mei 2026, ECLI:NL:RBROT:2026:6340

